Beluchting | Waterkwaliteit | Alle belangrijke waterwaardes en afhankelijkheden op een rijtje

Waterkwaliteit

noodzaak voor ontwikkeling

Koolstofdioxide (CO2)

Koolstofdioxide (CO2)


Koolstofdioxide, ook kooldioxide of koolzuurgas genoemd (CO2), is een gas dat in onze vijvers is opgelost. CO2 is een gas dat per definitie in de atmosfeer aanwezig is. De belangrijkste gassen die we terugvinden in de atmosfeer zijn:

  • Argon
  • Koolstofdioxide
  • Stikstof
  • Zuurstof

Doordat water in staat is om gassen op te lossen vinden we CO2 en andere gassen ook in ons vijverwater. Toch is de verhouding tussen de gassen in water en lucht anders, wat voornamelijk is toe te wijzen aan de slechte oplosbaarheid van stikstof in water. Dat geeft de andere gassen de mogelijkheid om in grotere verhoudingen aanwezig te zijn. In ons vijverwater zijn de verhoudingen dan ook structureel anders. In onderstaande afbeeldingen zijn deze verhoudingen weergegeven, waarbij opgemerkt moet worden dat de hoeveelheid CO2 in water beduidend hoger is dan in de lucht:

Hoeveelheid CO2 in water in verhouding met andere gassen Hoeveelheid CO2 in de lucht in verhouding met andere gassen

Van de eigenschap dat stikstof in water minder goed oplost maken wij dankbaar gebruik. Wanneer we de vijver beluchten, en daarmee dus lucht uit de atmosfeer in het water brengen vergroten we, door de turbulentie die aan de oppervlakte van het water ontstaat, het oppervlakte van onze vijver. Omdat zuurstof aan de oppervlakte wordt opgenomen verhogen we direct de hoeveelheid opgeloste zuurstof (en CO2) in onze vijvers! Zuurstofopname vindt dus praktisch niet onder water plaats maar aan de oppervlakte van uw vijverwater, het is de waterverplaatsing naar de oppervlakte (via de opstijgende luchtkolom) dat dit mogelijk maakt: door de stijgende luchtbellen brengt u water naar de oppervlakte alwaar de diffusie kan plaatsvinden en het water het zuurstof kan opnemen. Wanneer u overigens gebruikt maakt van pure zuurstof of een concentratie waarin de concentratie zuurstof hoger is dan de concentratie in uw vijverwater kan zuurstofopname onder water gerealiseerd worden, maar met een conventionele luchtpomp is dit niet mogelijk. Aangezien zuurstof een zeer belangrijke rol speelt in de vijverhuishouding is de opname van zuurstof wenselijk dus maak er goed gebruik van en controleer uw beluchting regelmatig!

De CO2-waarden in uw vijverwater in relatie tot diffusie met lucht uit de atmosfeer is relatief wanneer u ook daadwerkelijk koi in uw vijver hebt… koi beïnvloeden namelijk (ook) deze verhoudingen vanwege extra CO2-produktie! In de cellen van koi wordt bijvoorbeeld glucose verbrand dat als resultaat van onze voeding aanwezig is (suikers). Om deze omzetting te kunnen doen is zuurstof benodigd (O2) en komt kooldioxide (CO2) vrij. Het hemoglobine speelt hierbij een belangrijke rol en kan gezien worden als een transporteur van zuurstof naar weefsel en spieren, en neemt op de retour het CO2 weer mee terug. Dit CO2 wordt dan ook via de bloedbaan door de koi naar het water afgevoerd (middels een diffusie bij de kieuwen), en de koi zal weer zuurstof op moeten nemen voor een volgende omzetting. Dit is een permanent proces. De opname van zuurstof en de afgifte van koolstofdioxide veroorzaakt dus veranderende CO2-waardes in de vijver. Een andere bron van CO2 in de vijver zijn de bacteriën die zorg dragen voor het omzetten van organische verbindingen zoals afval van uw koi. En daarnaast produceren planten (waaronder ook draad- en zweefalgen) CO2. Uw gehele vijver is dus een complete CO2-fabriek! De concentratie van CO2 in uw vijver kan dus hoger zijn dan in de atmosfeer waardoor u middels beluchting CO2 uit het water drijft.

Cellen produceren dus koolstofdioxide als afvalproduct van de stofwisseling. Wanneer uw koi inspanning moet leveren, bijvoorbeeld voor de vertering van voer of zwembewegingen, dan levert dit extra koolstofdioxide op dat via het bloed wordt afgevoerd. De intern ontstane koolstofdioxide verlaagt de interne pH van de koi die doorgaans door de koi tussen de 7.35 en 7.45 wordt gehouden. Inderdaad, ook de koi hanteert intern een pH-waarde die meetbaar (van het bloed). De interne omzetting van zuurstof naar kooldioxide levert een aantal effecten op die zichtbaar zijn aan de koi:

  • Wanneer er veel zuurstof is en weinig koolstofdioxide dan ademt de vis erg langzaam. Het interne CO2 kan dan middels diffusie eenvoudig naar buiten treden via de kieuwen vanwege de eigenschap dat een gas stroomt van een hogere naar een lagere concentratie. In dit geval is de concentratie in de vis hoger dan van het water. In deze situatie is de interne pH van de koi wat verhoogd boven de normale waarden. Deze situatie lijkt heel erg goed maar door de verhoogde intern pH-waarde minder wenselijk.
  • Wanneer er erg veel zuurstof en erg veel koolstofdioxide is ademt de vis ook erg langzaam. Door het hoge CO2 gehalte in het water zal de intern aanwezige hoeveelheid CO2 ook per definitie hoog zijn. In deze situatie zal de vis op langere termijn gezondheidsproblemen oplopen vanwege het constant bij moeten sturen van de interne pH van het bloed.
  • Wanneer er weinig zuurstof en veel kooldioxide in het water is dan ademt de vis erg snel. Het CO2-gehalte in het bloed zal snel stijgen wat deels wordt gecompenseerd door de verhoogde ademhaling, maar de interne pH van het bloed zal dalen. De vis zal in deze situatie een vorm van lusteloosheid vertonen, omdat deze zijn/haar activiteit terugschroeft om energie, en daarmee zuurstof, te kunnen besparen.
  • Wanneer er weinig zuurstof en weinig koolstofdioxide is zal de vis snel ademen. Koolstofdioxide zal snel afgevoerd worden uit het bloed maar de pH van de vis zal snel stijgen. Juist bij lage zuurstofgehaltes en erg weinig koolstofdioxide zal de interne pH snel stijgen waardoor de vis ernstig in de problemen komt.

De aanwezigheid van kooldioxide EN de mate waarin kan tot vervelende situaties leiden. Met name in de aquariumwereld wordt veelal gestuurd met CO2 om daarmee de pH van het water te beïnvloeden alsook de plantengroei te bevorderen. Voor een vijver wordt echter geadviseerd hier niet mee te experimenteren, en middels reguliere beluchting te zorgen van een goede ontgassing waarmee de aanwezigheid van zuurstof en kooldioxide in het bijzonder binnen toelaatbare grenzen blijft.