mogelijkheden voor optimale temperatuur

Zonne-collector: de buiscollector (vacuum)

Naast de "vlakke plaat" collectoren om zonnewarmte om te zetten in warmte voor uw vijver bestaat er ook een tweetal typen buiscollectoren. Een buiscollector bestaat uit separate glazen buizen, die middels een thermische coating warmte kunnen opvangen. Doordat de buis vacuüm is, wat bekend staat als de beste isolator die men kan bedenken, wordt middels een speciale vloeistof de warmte getransporteerd. Er zijn twee typen buiscollectoren:

  • de U-buis collector ("direct flow")
  • de warmtepijp-collector ("heatpipe")

In het vervolg van het artikel wordt verder de werking beschreven van deze twee typen buiscollectoren.

De U-buis collector ("direct flow")


Bij een direct flow collector wordt gebruik gemaakt van een antivries die direct door de buizen heen wordt getransporteerd. De speciale coating van de buizen zorgt hierbij voor maximale warmte-opvang dat wordt doorgegeven aan een intern koperen buizen-stelsel. In onderstaande afbeelding wordt de werking van de direct flow collector gepresenteerd:

Zonne-collector op basis van U-bocht principe (Vacuum)

Door de vloeistof door de leidingen te transporteren middels een pomp wordt de warmte die is afgegeven aan de vloeistof buiten het paneel gebracht. Deze warmte kan dan bijvoorbeeld middels een warmtewisselaar of een spiraal worden afgegeven aan uw vijverwater. Onderstaande afbeeldingen zijn detail-opnames van het buizenwerk en de glazen buis:

Zonne-collector glazen buisZonne-collector leidingenwerk van U-bocht principe

De heatpipe buiscollector


Een tweede variant van de buiscollector is de de zogenaamde "heatpipe" buiscollector. Hoewel er zeker gelijkenis is met de direct flow collector (beiden werken immers met vacuüm buizen waarin een vloeistof zorgt voor transport van warmte) is de werking toch net iets anders. Heatpipes zijn ook vacuümbuis collectoren, alleen bevindt zich in de heatpipe een speciale vloeistof/damp mengsel in een gesloten koperen pijp. De warmte stijgt op (de collectoren moet dus altijd onder een minimale hoek van 20 graden geplaatst worden) en wordt aan de bovenkant van de pijp afgegeven aan de vloeistof (antivries) in de verzamelbuis zie zich aan de bovenkant van het paneel bevindt. Dit geschiedt door warmte-overdracht door het koper heen zodat beide vloeistoffen gescheiden blijven van elkaar.

De voordelen hiervan zijn dat er weinig vloeistof massa opgewarmd hoeft te worden en de collector reeds bij lage instraling (zoals bewolkte dagen) sneller warmte gaat afgeven dan bijvoorbeeld een direct flow vacuümbuis of een vlakkeplaat-collector. Een klein nadeel van dit type collectoren is het warmteverlies door de overdracht maar dit is marginaal. In onderstaande afbeelding staat de werking van de heatpipe afgebeeld:

Collector-buis op basis van een heatpipe

Een groot voordeel van de direct flow buiscollector is dat deze (als enige) horizontaal geplaatst mag en kan worden. Vanwege het mechanisme van een heatpipe, waarbij een vloeistof in gasvorming naar boven stijgt en de warmte transporteert, is de minimale hoek hier 20 centimeter. Met name voor situaties waar een zonne-collector het aangezicht sterk zou beïnvloeden zou dit een belangrijke overweging kunnen zijn. Aan de andere kant hangt heel Nederland zijn huis vol met design-radiatoren die het uiterlijk hebben van… een buiscollector. Esthetisch is het dus een persoonlijke overweging, belangrijk is om goed naar de ligging van uw vijver te kijken om het potentieel van de collector optimaal te kunnen benutten.

Koi-Ontwikkeling.info gebruikt cookies en scripts van Google om uw gebruik van onze websites geanonimiseerd te analyseren, zodat we functionaliteit en effectiviteit kunnen aanpassen en advertenties kunnen tonen. Ook worden cookies en scripts van Facebook, Twitter, en Google gebruikt om social media integratie op onze websites mogelijk te maken.

Indien u hiermee niet kan instemmen dient u uw browser direct af te sluiten en de website niet te gebruiken. Meer informatie kunt u lezen in de Cookie- en privacy-verklaring.