- inhoud 1800 liter water
- bodemdrain
- voorfilter Oase FilterClear6000
- primaire filter Trickle-filter in ton met bioballen
- Oase Aquamax 5500
- verwarming Profi-Heater 2kW
- voerautomaat HuMa (niet meer verkrijgbaar)
- voederschema afgestemd op temperatuur en lengte
Voorafgaand aan het experiment in 2007 is het Tricklefilter gewijzigd in een 200 liter meerkamerfilter waardoor de totale waterinhoud van de voorziening is toegenomen tot 2000 liter (2 m3). Houdt u bij het bekijken van de resultaten rekening met het feit dat de automatiseringshulpmiddelen in kwaliteit en gebruikersgemak in de afgelopen tijd zijn toegenomen en ik er beter mee kon werken ;-).
Onderstaand vindt u de resultaten van de voorgaande experimenten terug, u kunt naar beneden scrollen voor de voorgaande jaren. Door te klikken op de foto wordt een vergrote afbeelding getoond.
2007
Het experiment van 2007 is het beste experiment tot nu toe geweest. De vissen hebben een gestage groei laten zien, zijn niet ziek geweest ondanks de zeer hoge bezetting in de quarantaine-voorziening en het is gelukt om zonder overmatige vervuiling een straf voer-regime toe te passen. Een aantal van deze vissen is nog immer in mijn bezit.

2006
Het experiment van 2006 is volledig uitgevoerd, maar de historische gegevens van de groei per vis is niet compleet. Dit komt omdat een de helft van de vissen (Kigoi en Yamabuki) gereserveerd waren en deze "in opdracht" opgroeiden en niet werden gemeten. Er is voor gekozen om de bezetting aan te vullen tot 10 vissen om de groei-gegevens representatief en vergelijkbaar te kunnen houden voor oudere en nog te komen experimenten.

2005
Het groei-experiment van 2005 is het jaar van enkele verrassingen. Voor het eerst in de historie zijn enkele kwaliteitsvissen van Momotaro toegevoegd ten opzichte van de andere deelnemers uit het lagere prijssegment. Let wel, voor Momotaro-begrippen waren beide vissen ook budgetvissen met een prijs van 100-150 euro per vis. In dit experiment zijn beide vissen de oren gewassen door een Kikokuryu (doitsu) en een Sanke van Miyatora. De procentuele verschillen in groei van deze twee vissen ten opzichte van de Momotaro's zijn enorm. Ook de kwaliteitsontwikkeling was niet zoals verwacht, van dit groei-experiment zwemt de Sanke nog immer hier haar rondjes. Dit experiment was overigens de eerste en ook direct de laatste keer dat een Shiro Utsuri van Kaneko heeft meegedaan. Als men ervoor kiest om vissen uit het lagere prijssegment te kiezen dan loopt men met een Shiro Utsuri (van willekeurige kwekers) een groot risico op de ontwikkeling van secundair Hi, lelijke vlekkerige oranje schubben die doorkomen doordat deze goedkopere Shiro's voorkomen uit de Showa-kweek. Dit is een erg lastig probleem met Shiro's en je moet daar wat geluk bij hebben. Een gerenommeerd kweker als Omosako staat bekend om zijn Shiro-kweek en daar is het risico wat minder maar uitgesloten is het niet.

2004
In 2004 is het eerste experiment van start gegaan, nadat de winter van 2003 is gebruikt om een initiële bezetting voor de nieuw aangelegde vijver te krijgen. De resultaten zijn erg slecht geweest, misschien niet zozeer qua groei maar wel qua ontwikkeling. Helaas zijn niet alle gegevens compleet, maar als je begint aan deze hobby dan weet je de weg nog niet zo goed. Voor dit experiment was een afspraak gemaakt met 1 leverancier die een set van 10 vissen zou samenstellen. Dat is hem gelukt, maar (mede) omdat dit is gebeurt aan het einde van het seizoen met willekeur is dit een experiment dat snel vergeten moet worden. Overigens, geen van deze vissen zwemt nog hier maar 1 vis (doitsu Sanke) zie ik nog geregeld terug. Los van de kwaliteit is deze vis inmiddels bijna 60 centimeter dus voor doitsu-begrippen een goed resultaat in 4 jaar. De dealer bestaat inmiddels ook niet meer. De kwekers van deze vissen zijn helaas niet bekend, destijds wist ik nog niet welke industrie er achter de wereld van de Nishikigoi bestond en welke invloeden er waren met betrekking tot algemene ontwikkeling :-(